Impactevaluatie Interreg V

Het Gemeenschappelijk Secretariaat gaf halverwege 2019 opdracht aan een extern bureau, om te evalueren welke impact te verwachten is van het programma. We geven je graag de bevindingen mee die uit dit onderzoek voortkwamen.

In deze evaluatie diende elke Specifieke Doelstelling (SD) van het programma behandeld te worden, zij het niet in dezelfde mate. De evaluatie-inspanningen werden, wederom conform het evaluatieplan, voornamelijk geconcentreerd op de doelstellingen waarop het grootste deel van de programmamiddelen worden ingezet, m.n. de innovatie- (1a, 1b, 2c en 3b) en de demonstratie-doelstellingen (2a, 2b en 3c). 

Parallel aan deze impactevaluatie voerde een stagiair van de Hogeschool Gent een eigen evaluatie uit naar de te verwachten impact op de “flankerende” doelstellingen van het programma, concreet 3a (natuur, bodemherstel, biodiversiteit…) en 4 (arbeidsmobiliteit), welke IDEA dus eerder globaal onderzocht.

Globaal beeld van de onderzoeksresultaten

Onderzoek IDEA

IDEA onderzocht de te verwachten impact van het programma in haar volle breedte, met focus op de innovatie- en demonstratiedoelstellingen, en werkte met een theory-based aanpak waarin nader wordt ingezoomd op de projecten IMPROVED (1a), Prosperos en CrossRoads 2 (1b), Waterstofregio 2.0 (2a), See2Do! (2b), PV OpMaat (2c) en GrasGoed (3b).

IDEA benadrukt in haar rapport allereerst dat het moeilijk is om nu reeds een nauwkeurige en valide uitspraak te doen over welke projecten het meest aan de doelstellingen bijdragen. Verschillende types projecten hebben in de visie van IDEA echter elk hun waarde binnen het Interregkader. Het is net het geheel aan verschillende type projecten, met elk hun eigen insteek, aanpak en structurering die tot een bijdrage aan het brede innovatielandschap in de grensregio leiden.

De resultaatsindicatoren wijzen erop dat het innovatievermogen in het programmagebied de afgelopen jaren is toegenomen. Gezien de financiële hefboom die de projecten genereren (200% van het beoogde bedrag) en aantal ondersteunde bedrijven voor de introductie van productie nieuw voor de markt (220% van de streefwaarde) is het goed te beargumenteren dat de stijging van de resultaatsindicatoren direct samenhangt met de prestaties van de Interregprojecten, hoewel er uiteraard ook andere factoren meespelen. Beide regio’s hebben hun eigen arsenaal aan instrumenten om innovatie te bevorderen, het belang van innovatie wordt steeds meer erkend door het bedrijfsleven, en KMOs investeren steeds meer zelf actief in nieuwe producten of toepassingen.

De substantiële stijging van de grondstofproductiviteit duidt erop dat de grensregio de weg naar een meer hulpbronefficiënte economie is ingeslagen. Deze trend reflecteert voornamelijk de toenemende aandacht om zuinig en efficiënt met de grond- en hulpbronnen om te gaan in de gehele grensregio. Het Interregprogramma zet hier terecht op in, maar de directe bijdrage van de projecten aan de energie- en hulpbronefficiëntie lijkt op dit moment nog eerder beperkt.

De resultaatsindicatoren van SD 4a laten voorlopig geen gewenste verbetering van de Vlaams-Nederlandse grensoverschrijdende arbeidsmarkt zien. Er werd een stijging van het aantal grensarbeiders van ruim 20% voorzien, maar op dit moment lijkt er een lichte afname op te treden. Ook het percentage openstaande vacatures vertoont een ontwikkeling die tegengesteld is aan wat is beoogd, met een stijging ten opzichte van de referentiewaarde naar 3,05%. Dit hoeft overigens geen verslechtering van de arbeidsmarktsituatie in de grensregio in te houden, maar juist dat mensen makkelijker werk vinden in eigen regio, ook gezien het hogere aantal beschikbare vacatures.

In het licht EU2020 strategie hebben de resultaten en impact van het Interregprogramma in de eerste plaats betrekking op slimme en duurzame groei. Het Interregprogramma combineert deze twee aspecten van groei op interessante wijze in haar doelstellingen door substantieel te investeren in innovatie en vernieuwing in energie- en hulpbronefficiëntie. Een groot deel van de projecten draagt van daaruit bij aan de omslag naar een koolstofarme economie via de biogebaseerde en circulaire economie en alternatieve energie. 

Vooral de demonstratieprojecten voor energie-efficiëntie (2a en 2b) blijven voorlopig onder verwachting. Het bereik naar bedrijven en publieke organisaties via concreet uitgevoerde demonstraties/pilots is voorlopig beperkter dan voorzien. De adoptie van technieken die worden gedemonstreerd in de projecten vergt een lange adem en die technieken en bijbehorende infrastructurele aanpassingen zijn veelal nog niet zo ver ontwikkeld om tot een grootschalige adoptie te komen. 
Natuurbeheer / milieubescherming en een ‘inclusieve’ grensoverschrijdende arbeidsmarkt hebben minder nadruk gekregen in dit programma, maar de projecten leiden ook op deze vlakken tot waardevolle realisaties. In de toekomst zullen deze aspecten nog nauwer verweven raken met de slimme competitiviteit gebaseerd op innovatie.

Onderzoek stagiair

Stagiair Boudewijn van Doleweerd onderzocht de te verwachten impact van het programma op de SD’s 3a en 4, en werkte net als IDEA met een theory-based aanpak waarin nader wordt ingezoomd op de projecten Meer Natuur voor Pittige Fruit en Grenspark Groot-Saeftinghe (3a), en Grensinfovoorzieningen en Grenzeloos Biobased Onderwijs (4a). 

Het onderzoek concludeert dat de uiteindelijke impact van de projecten in SD 3a groot zal zijn en alle investeringen een duidelijke impact zullen genereren ten bate van de biodiversiteit en natuurwaarden in de grensregio. Die impact wordt echter beperkt of vertraagd door juridische obstakels die de implementatie van investeringen in de natuur bemoeilijken, met name voortkomend uit (stroperige) besluitvorming rond ruimtelijke ordening.

Het onderzoek concludeert dat de uiteindelijke impact van de projecten in SD 4 onmiskenbaar is, en zowel bevorderlijk is voor grensarbeid als het aansluiten van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt, maar vooral die grensarbeid met name toch wordt verhinderd door obstakels op fiscaal en administratief vlak.

Je kan het volledige onderzoek van IDEA hier raadplegen.

Het rapport van stagiair Boudewijn van Doleweerd - inclusief analyse van de individuele case studies - is bij ons opvraagbaar via info@grensregio.eu

Categorie:

Alle berichten