Duaal leren in de zorg- en technieksector

Door Josine Verbrugge

"Een betere aansluiting tussen arbeidsvraag en arbeidsaanbod in de grensregio om beter het arbeidspotentieel te benutten" was een van de doelstellingen van het Interreg V programma. Om bij te dragen aan deze doelstelling is in 2019 het project De Lerende Euregio Scheldemond gestart. Euregio Scheldemond staat voor de provincies Zeeland, Oost- en West-Vlaanderen, maar ook Hogeschool Rotterdam doet mee.  

Specifiek is het project in het leven geroepen om het duaal leren, wat toen opkomend was in Vlaanderen, een boost te geven en om te leren van de ervaringen uit Nederland, waar het concept al langer in gebruik was. In Nederland wilde men de BOL-opleidingen (Beroeps Opleidende Leerweg) omvormen naar hybride onderwijs. De situatie vormde een uitgelezen kans om een project te starten in de grensregio; om van elkaar te leren en om samen de uitdagingen die er bestaan op de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt op te pakken. De focus ligt hierbij op de knelpuntberoepen in de zorg en techniek.  

Drie jaar na de start van het project spreek ik de projectleider Tineke van der Walle, werkzaam bij de provincie Oost-Vlaanderen, en Rebecca Boelens, aan de slag bij Scalda, de scholengemeenschap voor het middelbaar beroepsonderwijs in Zeeland.   

©Josine Verbrugge

Waar kijken jullie na drie jaar met een goed gevoel op terug? 

Het opzetten van het netwerk is een van de grootste successen van het project, aldus Rebecca. Er zijn heel veel spelers actief wanneer het gaat om onderwijs, arbeidsmarkt en intermediaire organisaties, maar vaak kennen ze elkaar niet. Waar er in Nederland nog vaak koepelorganisaties gevormd zijn, is het landschap in Vlaanderen nog meer versnipperd. 

Rebecca geeft aan dat het belangrijk is om de arbeidsmarktproblematiek als een keten te bekijken. Een stevig netwerk is dus geboden. Het voordeel van een netwerk is dat er niet slechts een dossier wordt opgelost, maar dat er een platform bestaat die huidige en toekomstige uitdagingen kan aanpakken.  

Tineke beaamt dat ook zij trots is op het gevormde netwerk, vooral omdat het over de grenzen heen gaat.  

Hoe draagt het netwerk dan precies bij aan de uitdagingen op de arbeidsmarkt?  

Mensen met vraagstukken krijgen via het netwerk de juiste organisaties en contactpersonen aangereikt. Daarnaast kent het project via het netwerk de initiatieven die er bestaan en koppelt deze aan elkaar wanneer dit een synergie-effect oplevert. Diverse partijen slaan nu bijvoorbeeld de handen ineen om aan de slag te gaan met de promotie van opleiding en werk in de techniek en om dit vanuit de ketengedachte en de doelgroepen zelf te bekijken: Van goede, losstaande initiatieven naar een netwerk dat via een customer journey de promotieactiviteiten zo kan organiseren dat er effectief verschil kan worden gemaakt.  

Of een organisatie wordt gewezen op een oplossing die elders succesvol is en die wellicht ook goed toepasbaar voor de organisatie zelf zou zijn. Zo wordt bijvoorbeeld in Zeeuws Vlaanderen n.a.v. een projectactiviteit een verkenning gedaan naar de opstart van een hybride leeromgeving voor de mobiliteitsopleidingen waar Techwijz en Scalda bij betrokken zijn. De ondernemers in de regio worden op dit moment benaderd en er wordt toegewerkt naar een betaalbaar opleidingsconcept waarbij studenten in hun eigen regio opgeleid kunnen worden en flexibel ingezet kunnen worden op de regionale arbeidsmarkt. 

Impliceert dit dat de regio genoeg arbeidskrachten kent? 

Nee, antwoorden Tineke en Rebecca, de problematiek is zowel kwantitatief (te weinig arbeidskrachten) als kwalitatief (geen inhoudelijke match tussen vraag en aanbod). Ook op het tekort aan docenten wordt ingestoken en zoekt het netwerk naar oplossingen.  

Het project loopt nog een half jaar, wat staat er nog op de planning?  

In eerste instantie het opgebouwde netwerk verduurzamen, is het antwoord. Daarnaast houdt het project De Lerende Euregio Scheldemond zich bezig met diverse tools, zoals competentievertalingen, geautoriseerde beschrijvingen (van opleidingen), inzet op hybride onderwijs en een overzicht van alle technische opleidingen aan beide zijden van de grens. Het laatste half jaar zal benut worden om de werkzaamheden hiervoor af te ronden. Ten tweede, geeft projectleider Tineke aan, zal het project  nog investeren in  stages en uitwisselingen. Nog vaak is de grens in de hoofden van de mensen aanwezig, waardoor het potentieel, zowel qua opleiding als werk, van 'over de grens' minder benut wordt dan mogelijk. Deze ervaringen kunnen de grens hopelijk doen vervagen. De eerste effecten van de uitwisselingen en inspiratiebezoeken laten zien dat dit zeker bijdraagt; een bezoek mondt vaak uit in vervolgacties- en bezoeken.  

In Interreg VI is de aanpak van de uitdagingen op de arbeidsmarkt wederom een van de doelstellingen. Nog adviezen voor de nieuwe projecten? 

Rebecca adviseert nieuwe projecten om zo breed mogelijk alle partijen aan boord te hebben. Zorg dat alle inzichten en invalshoeken aanwezig zijn bij het willen oplossen van de mismatch tussen onderwijs en arbeidsmarkt in de knelpuntberoepen. Verder is opgevallen dat verschil in Vlaamse en Nederlandse wet- en regelgeving en toezicht soms een aanpak over de grenzen in de weg zit. Hier zou aandacht naar uit moeten gaan. Op het vlak van het docententekort zijn hier ook nog uitdagingen. Nu is het (nog) niet mogelijk om een Vlaamse en Nederlandse school gezamenlijk een opleiding te laten verzorgen.  

Er liggen nog volop kansen om er in de grensregio werk van te maken! 
Voor meer informatie en inspiratie op de website, zie Verdubbel je kansen | Lerende Euregio Scheldemond  

Alle berichten

Josine is projectadviseur voor Provincie Zeeland