Optimale kennis bij studenten en professionals over biobased bouwen

Door Tjeerd van Loosbroek

Onze reporter uit Noord-Brabant sprak Ben Westenburger van HZ University of Applied Sciences en Bas Koebrugge van Avans Hogeschool over het project Lerend Netwerk Biobouwers. Een project dat gaat over het ontwikkelen van lesmateriaal voor studenten en professionals die (gaan) werken in de bouwsector. Met dit project wordt bijgedragen aan de transitie naar het gebruik van biobased materialen in de bouwsector.  

Aanleiding 

De ontwikkelingen op het gebied van biobased bouwen volgen elkaar in razend tempo op en het onderwijs wil daarin voorop blijven lopen. Het is essentieel voor zowel hogeschool studenten als professionals dat ze kennis maken met nieuwe materialen en technieken, zodat ze de juiste bagage hebben om in hun (latere) werk de bouwwereld te verduurzamen. Eerder onderzoek (zie Grenzeloos Biobased Onderwijs) wees daarnaast uit dat te weinig kennis over de bio-circulaire economie bij werknemers, maar ook bijvoorbeeld over zogenaamde ‘soft skills’ zoals systeemdenken, de groeipotentie van de regio Zuid-Nederland/Vlaanderen belemmert. Aanleiding genoeg voor het consortium, dat bestaat uit Universiteit Gent, Bouwmensen Zuid-West en de hogescholen HZ, HOGENT en Avans om te starten met dit project.  

Studenten en professionals werken klassikaal aan een opdracht

Leven Lang Leren  

Het consortium ontwikkelt lesmateriaal in de gedachte van een Leven Lang Leren. Veranderende omstandigheden en nieuwe inzichten in de markt, in dit geval het beschikbaar komen van nieuwe, biobased, bouwmaterialen, vragen veranderingen in het bachelor onderwijs en bijscholing van professionals. “In dit project doen we in een aantal pilots ervaring op met het onderwijzen van zowel die bachelor studenten als die professionals,” aldus Ben. "De combinatie van praktijkkennis van professionals en de frisse blikken van studenten, die gedurende hun studie al kennis hebben vergaard over biobased materialen, is een goede combinatie. De beide groepen doen vooral nieuwe kennis en vaardigheden op, maar kunnen elkaar dus ook nog iets leren.” 

Weten dat biobased bouwmaterialen bestaan is op zichzelf nog niet genoeg. Technische eigenschappen verschillen en dat heeft invloed op wanneer wat het beste toegepast kan worden. Maar daarnaast heeft materiaalkeuze ook invloed op de ecologische voetafdruk en moeten we toe naar ontwerpen die aan het einde van de gebruiksfase gemakkelijker een herbestemming kunnen krijgen dan we nu gewend zijn. “We willen om die reden niet enkel doceren over de materialen op zich, maar over het gebruik van materialen in de gehele context. De Life Cycle Assessment (LCA) van een gebouw wordt belangrijker. Dit betekent dat we de volledige keten bekijken van grondstof tot productie, van vervoer tot aan restwaarde, wat we systeemdenken noemen.” 

Foto genomen bij Bouwmensen – opdoen van praktijk ervaring over biobased materialen (kalkhennep)

Vanuit de gedachte waarin mensen een Leven Lang Leren denken we na over hoe we een aantal modules op elkaar aan kunnen sluiten, waardoor de professional een traject kan volgen dat een echte erkenning waard is (i.e een certificaat of diploma). Dit moet dan bij zowel HZ, Avans als andere onderwijsinstellingen gevolgd kunnen worden. Hiermee leiden de hbo’s de werknemers van morgen op met de kennis die zowel ‘vandaag als morgen’ nuttig is voor werkgevers. Een voorbeeld van hoe het onderwijs een bijdrage levert aan innovatieve ontwikkelingen.  

Doelstelling van het project 

Ben legt uit dat het project uit drie delen bestaat. Als eerste heeft men goed onderzocht welke kennis er ontbreekt in de bouwsector over biobased materialen en wat er nog niet terug komt in de huidige curriculums van de opleidingen. Vanuit die opgebouwde kennis heeft het consortium een opzet voor lesmateriaal ontwikkeld, inclusief leerdoelen en kerncompetenties, en die wordt getest in pilots. De eerste pilot is afgerond, maar deze viel midden in de coronapandemie, wat erg jammer was omdat dit niet gelegenheid bood om fysiek bij elkaar te komen. Uiteindelijk worden er drie pilots georganiseerd. Met ieder een eigen insteek om verschillende dingen te testen. Die daarna geëvalueerd worden om te zien of de beoogde doelen van de lesstof worden bereikt.  

En hoe ziet zo’n pilot er dan uit? In een pilot werken studenten en professionals van de drie hogescholen samen aan een opdracht. Dus zowel een Nederlandse als een Vlaamse student samen met een professional uit de bouwwereld. In een gezamenlijke bijeenkomst krijgen ze een opdracht waar ze samen aan moeten werken. In de pilots worden de deelnemers begeleid door docenten van de hogescholen en de universiteit Gent. Daarmee optimaal gebruikmakend van de opgebouwde kennis en expertise bij de verschillende opleidingsinstituten. In een slotbijeenkomst worden de uitkomsten van de opdrachten aan elkaar gepresenteerd.  

Eindresultaat 

De pilots leveren op dit moment goede inzichten in hoe studenten, professionals en onderwijsinstellingen onderling met elkaar samen kunnen werken en wat de juiste leerdoelen en competenties voor toekomstig onderwijs zijn. Hierbij wordt het bedrijfsleven ook actief betrokken. Het project loopt nog door tot en met december 2022. Idealiter wil het consortium na die periode een goed beeld hebben van hoe het onderwijsprogramma eruit moet komen te zien en dat in de vorm van een roadmap presenteren, zodat ook andere organisaties dat als leidraad kunnen gebruiken. Daarnaast wil men vanuit de ervaringen uit dit project adviezen formuleren voor vervolgonderzoek. Zeker is al dat er in het huidige consortium genoeg energie zit om ook na het project zelf het nodige te gaan implementeren. 

Gezamenlijk samenwerkende studenten en professionals

Wat zijn biobased materialen? 

Volgens Ben en Bas is dit nog een van de hiaten die een transitie naar biobased materialen in de weg staat. Want men is het in de literatuur nog niet eens over één definitie. Het gaat om materialen die afkomstig zijn van biomassa en is daarmee een materiaal gemaakt van biologische oorsprong exclusief materiaal uit geologische afzettingen en/of gefossiliseerd materiaal. Je kunt denken aan hout, maar ook stro, vlas en biocomposiet. 



Alle berichten

Tjeerd is projectadviseur voor Provincie Noord-Brabant