Inhoudelijk - FAQ

Vind je in deze FAQ-lijst niet de antwoorden die je zoekt, kijk dan zeker naar de verschillende gidsen en leidraden op deze website, benader één van onze projectadviseurs, of stuur een mail naar info@grensregio.eu.


Inhoudelijk

  • Wat is het verschil tussen ‘uitrol’ en ‘demonstratie’?

    Demonstraties of pilots vormen de brug tussen het afronden van een onderzoek en de grootschalige uitrol (of implementatie) van een innovatie. Zij bieden de mogelijkheid om innovaties te testen in uiteenlopende contexten. Een belangrijk kenmerk van demonstraties/ pilots is dat deze toegankelijk dienen te zijn en een duidelijke demonstratiewaarde hebben. Per locatie moet de toegevoegde waarde van de demonstratie of pilot worden onderbouwd. Grootschalige uitrol of implementatie van een innovatie is niet haalbaar gezien de beperkte middelen die het programma ter beschikking heeft. Zodoende is dit niet subsidiabel binnen Interreg Vlaanderen-Nederland.

  • Kan mobiliteit worden gefinancierd binnen Interreg Vlaanderen-Nederland?

    Ja.

    Projecten rond logistiek, transport en distributie kunnen gefinancierd worden door het programma, voor zover zij binnen een programmadoelstelling passen en voldoen aan de voorwaarden die voor de doelstelling gelden. Vooral doelstellingen 1a, 1b, 2a, 2c, 3b en 4 lijken mogelijkheden te bieden.

  • Hoe verhoudt het Interreg-programma Vlaanderen-Nederland, en dan in het bijzonder het thema ‘arbeidsmarkt’, zich t.o.v. het Europees Sociaal Fonds?

    Interreg-projecten onder het thema ‘arbeidsmarkt’ onderscheiden zich van ESF-projecten door het grensoverschrijdende aspect. Inhoudelijke overlap is mogelijk.

  • Hoe kunnen culturele ecosysteemdiensten ondersteund worden onder SD 3a?

    Ecosysteemdiensten zijn diensten die door ecosystemen geleverd worden. Zij vallen uiteen in vier grote categorieën: producerende diensten (bijv. grondstoffen, voedsel), regulerende diensten (bijv. regulering klimaat), culturele diensten (bijv. geestelijke verruiming, recreatie) en ondersteunende diensten (bijv. bodemvorming en fotosynthese). Wanneer in het Samenwerkingsprogramma dus gesproken wordt over het handhaven en herstellen van ecosysteemdiensten, dan dient dit gelezen te worden als het handhaven en herstellen van ecosystemen zodat bepaalde diensten bestendigd/versterkt kunnen worden. 

    Voor de duidelijkheid: er is een onderscheid tussen enerzijds investeringen in het ecosysteem dat voor de diensten zorgt (bv. ‘de gezondheid van het bos’) en anderzijds flankerende investeringen die toelaten gemakkelijker van de diensten gebruik te maken (bv. ‘de wandelpaden door het bos’). Deze laatste passen niet in deze SD. Dit blijkt ook uit de operationalisering die reeds in de omschrijving van de SD is opgenomen, nl. “Het beschermen en herstellen van de biodiversiteit, bodembescherming en –herstel en het bevorderen van ecosysteemdiensten, door gezamenlijke aanpak van milieuproblematieken in de economisch intensief benutte Grensregio.”

  • ​Biedt het programma ook mogelijkheden voor de toeristische sector?

    De bijdrage van een onderneming aan een project dat past binnen het Samenwerkingsprogramma, is leidend.

    Hieruit volgt dat ook toeristische ondernemingen als relevant beschouwd kunnen worden binnen specifieke doelstellingen die niet expliciet op slimme specialisatiestrategieën gericht zijn. Bijvoorbeeld: binnen specifieke doelstelling 3A is het mogelijk dat toeristische ondernemingen betrokken worden bij het onderzoeken / oprichten van publiek-private samenwerkingsverbanden voor natuurbeheer, of actief deelnemen aan het opzetten van alternatieve business modellen voor een meer onafhankelijk/zelfbedruipend natuurbeheer. Opgelet: puur recreatieve activiteiten waarbij bijvoorbeeld wandelpaden of speeltuinen aangelegd worden, passen niet onder een specifieke doelstelling van het samenwerkingsprogramma en zijn dus niet subsidiabel (zie ook de vorige vraag).

    Ook onder specifieke doelstelling 4A is het denkbaar dat de toeristische sector een bijdrage levert aan projectvoorstellen (bv. als stage-aanbieder voor technische profielen). Bij de specifieke doelstellingen inzake hernieuwbare energie of een efficiëntere omgang met hulpbronnen kunnen ten slotte ook relevante toeristische ondernemingen voorkomen.