Europese primeur: duurzame vissen veroveren de grensregio

Monique Swinnen, Toon Dierickx, Jeroen Meus, Ben de Reu en Mart Scherp
Europese primeur: Interregproject Aqua-VLAN kweekt succesvol nieuwe duurzame vissoorten in de Grensregio Vlaanderen-Nederland
Vandaag ‘proeft’ de Stuurgroep Interreg IVA-Vlaanderen-Nederland twee nieuwe vissoorten, klaargemaakt door topchefs uit Vlaanderen en Nederland. De duurzame kweek van deze twee nieuwe vissoorten is mogelijk gemaakt binnen het grensoverschrijdende project ‘Aqua-VLAN’.
”Door de grensoverschrijdende aanpak en samenwerking van Nederlandse en Vlaamse hogescholen, universiteiten en bedrijven ontstond binnen het project de Europese primeur rond de duurzame kweek van vissen en de teelt van zilte groenten. Dit is de eerste keer dat deze vissen succesvol gekweekt worden in zowel Vlaanderen als Nederland,” aldus Wout Abbinck, projectleider van Aqua-VLAN, IMARES.
De Vlaamse TV-kok Jeroen Meus en de Vlaamse topchef Toon Dierickx bereiden in de Faculty Club in Leuven een proefbordje met de omegabaars. De Zeeuwse chefkok Mart Scherp maakt een lekker gerechtje klaar met de yellowtail kingfish. Beide vissoorten zijn gekweekt binnen dit grensoverschrijdende Interreg IVa-project.
Aqua-VLAN: duurzame Aquacultuur in de Grensregio Vlaanderen-Nederland
Het project Aqua-VLAN werkt duurzame aquacultuur uit. Het richt zich specifiek op de duurzame kweek van schelpdieren, vissen en de teelt van zilte groenten in de grensregio Vlaanderen-Nederland. Ook het scholen van ondernemers en andere betrokkenen in de aquacultuur is een doelstelling van dit project. De partners van het project zijn universiteiten, hogescholen en innovatieve bedrijven.
Een belangrijke nationale en regionale drijfveer voor het project was het realiseren van een duurzame aquacultuur in de grensregio. Wereldwijd stagneren de opbrengsten van de visserij, en maakt de aquacultuur een groei tot 10% per jaar door, waardoor de wereldwijde productie van de aquacultuur nu even groot is als de productie uit visserij. Voor de grensregio is het van groot belang om een duurzame kweek van vis te onderzoeken.
Bij het kweken van duurzame vissoorten voor consumptie wordt concreet gebruik gemaakt van een ‘Recirculating Aquaculture System’ (RAS). Deze technologie is heel duurzaam door een laag energie- en waterverbruik en door lage emissies van nutriënten. Overigens kent men hierbij ook problemen. De sector is vooral in Vlaanderen nog niet sterk genoeg ontwikkeld en er is een gebrek aan demonstratiemogelijkheden om deze technologie te introduceren. Ook is het systeem sterk afhankelijk van de vissoort die er gekweekt wordt. Naast het succesvol uitbouwen van de producten vragen ook de regionale afzetmogelijkheden, marketingstrategieën en opleidingen die hiervoor nodig zijn veel aandacht.
De keuze voor de kweek van een nieuwe soort eist bepaalde veranderingen en adaptaties binnen bestaande recirculatiesystemen. Dat vraagt veel gericht onderzoek en ook een specifieke infrastructuur. Daar zorgen de verschillende partners in het project voor. Zo staat IMARES in voor de kweek van de yellowtail kingfish en KULeuven voor de omegabaars.
Yellowtail kingfish
De yellowtail kingfish komt voor rond Australië en Nieuw Zeeland en kent ook populaties bij Zuid-Afrika en Chili. De vis kan tot 2,5 m lang worden bij een gewicht tot 70 kg, maar wordt over het algemeen gevangen tussen de 10 en 15 kg bij een lengte tot 1 m. De yellowtail kingfish valt in segment van tonijn en zwaardvis en is erg lekker van smaak. De vis is een sterk kwalitatief product, is niet goedkoop en wordt sinds enige jaren in Nederland verkocht als sashimi en sushi, vooral in Aziatische restaurants. De vis wordt al gekweekt in zeekooien in o.a. Australië en wordt nu dus sinds enige jaren ook binnen het AquaVlan-project gekweekt.
”Er zijn verschillende belangrijke aspecten die het kweken van de yellowtail kingfish in recirculatiesystemen interessant maken: de hoge groeisnelheid van de vis, de hoge prijs die de vis oplevert en de spontane voortplanting in gevangenschap. Voordien was weinig bekend over de optimale omstandigheden om deze vis goed te kunnen kweken. Bij de productie in zeekooien is de controle op de milieuomstandigheden zeer beperkt. Nu ze in recirculatiesystemen gekweekt worden is er een goede controle op het kweekmilieu, waardoor het onderzoek naar houderijomstandigheden waardevol is. Andere belangrijke voordelen van de kweek in RAS ten opzichte van de kweek op zee zijn de hogere dichtheid, de betere controle op de waterkwaliteit en de afvalstromen en de snellere groei,” meldt projectleider Wout Abbinck van IMARES.
Omegabaars
Aan de Katholieke Universiteit van Leuven kweekt men in bassins met succes de omegabaars, afkomstig uit het zeegedeelte oostelijk van Australië. De vis dankt haar naam aan het feit dat het een heel vette vis is en van nature zeer rijk aan omega-3 vetzuren, veel meer dan zalm of makreel. Het is een robuuste vis, die gedijt in een steeds wisselend milieu. Het maximale gewicht loopt tot 2 kg en de lengte tot 40 cm.
”In recirculatiesystemen is slechts een maximale dagelijkse verversing van het 3% water nodig. Het produceren van 1 kg van die vis vraagt slechts 50 liter water. Bij het produceren van 1 kg vlees is 7 kubieke meter water nodig! Ook is maar 600 gram plantaardige voeding nodig om een vis te kweken van 500 gram. We trachten de vis zelf door te kweken, zodat de markt onafhankelijk kan zijn van buitenlandse kwekers en waardoor we ook zijn Europese marktwaarde kunnen verifiëren. Het kweken van deze soort in intensieve recirculatiesystemen heeft meerdere voordelen, waaronder behoud van energie en water, betere groei en controle van de afvalstromen, biotische parameters en eventuele verontreinigingen.” aldus Stijn Van Hoestenberghe, projectmedewerker van de KULeuven.
In een restaurant waar de vis wordt nu al wordt geserveerd, wordt ze op de menukaart als volgt omschreven: “Degustatie van omegabaars: tartaar van omegabaars met limoen – zalf van gerookte omegabaars. Een aanrader!”
Naast het kweken van de omegabaars en yellowtail kingfish worden er binnen het AquaVlan-project ook nog andere vissen gekweekt: snoekbaars, tilapia, zoetwaterkabeljauw en mosselen. Daarnaast wordt gewerkt aan de optimalisatie van de teelt van zilte groenten als lamsoor en zeekraal. In totaal werken negen verschillende partners uit Vlaanderen en Nederland mee aan dit project.
Grensoverschrijdende samenwerking
Het kweken van deze vissen was mogelijk door de goed verlopende kennisoverdracht en grensoverschrijdende samenwerking binnen de verschillende universiteiten, hogescholen en bedrijven in Vlaanderen en Nederland. Het project AquaVlan ontving meer dan 2.000.000 euro vanuit het Europees Programma ‘Interreg Vlaanderen-Nederland’. De projectpartners leggen met dit project de fundamenten voor een economisch, sociaal en ecologisch duurzame aquacultuursector in de grensregio.
Projectgegevens:
- Projectleider: IMARES, Wageningen UR, Departement Aquacultuur
- Projectpartners:
- Laboratorium voor Aquacultuur en Artemia Reference Center, Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, afdeling dierlijke productie, Universiteit Gent
- Stichting Hogeschool Zeeland,
- Plant Research International, Business Unit Agrosystems Research (PRI)
- Provinciaal Proefcentrum voor de Groenteteelt Oost-Vlaanderen (PCG)
- Katholieke Hogeschool Sint-Lieven (KaHo)
- Inagro
- Katholieke Universiteit Leuven, Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, Departement Bio-systemen
- Totaalbudget: Euro 4.028.121,00, met een Interregbijdrage van euro 2.014.060,50
- Looptijd: 1 september 2009 t/m 31 augustus 2012
________________________________________________________________________________
De Europese Commissie stelt via het Interregprogramma 2007-2013 onder meer aan de Grensregio Vlaanderen-Nederland 94 miljoen euro ter beschikking uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling, voor grensoverschrijdende samenwerking, die de duurzame sociaal-economische ontwikkeling in de grensregio bevordert. Hiervoor werd door het partnerschap van 5 Vlaamse en de 3 zuidelijke Nederlandse provincies en de beide lidstaten Vlaanderen en Nederland een breed programma ontwikkeld om in tal van domeinen samenwerkingsverbanden te bevorderen.


