Naar inhoud

Persbericht 7 oktober 2009

Bijna 13 miljoen euro nieuwe Europese investeringen in de Grensregio Vlaanderen-Nederland

De stuurgroep van het Interreg IV A-programma 2007-2013 Vlaanderen-Nederland heeft op 7 oktober 2009 6 nieuwe projectvoorstellen goedgekeurd. Eén projectvoorstel (Groeikans) werd reeds eerder door de stuurgroep goedgekeurd, maar werd nu in gewijzigde vorm opnieuw voorgelegd en goedgekeurd. De goedkeuring van de projecten behelst een totale investering van 31,2 miljoen euro, inclusief 12,9 miljoen euro Europese subsidie, die de stuurgroep ter beschikking stelt uit het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO). Sinds de start van het programma is de totale Europese investering uit het EFRO hiermee opgelopen tot 67,6 miljoen euro. In totaal is voor de gehele programmaperiode een bedrag van ruim 94 miljoen Euro aan EFRO-subsidie beschikbaar. 

De stuurgroep kwam bijeen in het provinciehuis van Noord-Brabant in ‘s-Hertogenbosch en stond onder voorzitterschap van gedeputeerde mevrouw Lily Jacobs.

De volgende projecten kregen groen licht:

1. Project Recreatie en Ecotoerisme in de ZWINstreek(REECZ)

De Zwinstreek is binnen het gebied van de Euregio Scheldemond een van de meest sprekende voorbeelden van een grensoverschrijdend landschap. De grens tussen Nederland en België deelt de Zwinstreek in twee. Nochtans zijn deze twee delen door hun natuurlijke, geografische en historische ontwikkeling onlosmakelijk met elkaar verbonden. 

Deze verbondenheid uit zich op diverse vlakken: het belang van toerisme en recreatie, de toenemende aandacht voor natuur, cultuur en erfgoed en de zich aandienende infrastructuur-werken.

Via dit project wordt een diepgaande grensoverschrijdende samenwerking gecreëerd waarbij de troeven van de Zwinstreek op een geïntegreerde wijze worden uitgespeeld.  Via de verbreding en versterking van aanwezige natuur (natuurparken, slikken, schorren, polders, cultuurhistorische elementen (vestingsteden, hoeves, Spaanse forten en linies, dijken en voormalige zwingeulen) en andere toeristisch-recreatieve elementen (wandel- en fietsroutes) in het gebied, kan de aanwezige economische meerwaarde geoptimaliseerd worden. 

Het is de bedoeling dat het Zwin via de realisatie van dit project op korte termijn haar vroegere rol kan opnemen, met andere woorden:

-         hét natuurreservaat in de regio zijn met een nationale en internationale uitstraling, met een breed en innoverend educatief programma als voorbeeld voor andere natuur- en milieueducatie,

-         een ankerpunt zijn voor toerisme en recreatie in de Zwinstreek met bijzondere aandacht voor het unieke historische polderlandschap, de verbinding (samenwerking) tussen twee Vlaanderen (West en Zeeuws) en de relatie met de natuurlijke, historische en culturele ontwikkeling van het gebied.

  • Projectleider: Provincie West-Vlaanderen, Dienst Natuur, Milieu en Waterbeleid (MINAWA)
  • Projectpartners: Agentschap voor Natuur en Bos, Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust, Gemeente Knokke-Heist, Gemeente Sluis, IVN Consulentschap Zeeland, Westtoer
  • Totaalbudget: 5.841.575,33 euro, met een Interreg-bijdrage van 2.920.787,66 euro
  • Looptijd:  Van 1 september 2009 tot en met 31 augustus 2012

 

2. Project Invasieve Exoten in Vlaanderen en Zuid-Nederland

Biodiversiteit en een aantrekkelijk landschap vormen een steeds belangrijker beleidsthema. Door de sterke toename van uitheemse soorten, waarvan er een aantal zeer invasief (bedreigend) van karakter zijn wordt de nagestreefde biodiversiteit en de aantrekkelijkheid van het landschap bedreigd. Planten en dieren houden zich vanzelfsprekend niet aan administratieve grenzen, waardoor samenwerking noodzakelijk is om een effectief beheer van de invasieve exoten te kunnen realiseren. De maatregelen zijn noodzakelijk omdat naast de effecten op de biodiversiteit ook de maatschappelijke kosten steeds hoger worden en op dit moment in België en Nederland al ca. 2,3 miljard euro per jaar bedragen. 

Het project Invasieve Exoten beoogt betere bestrijdingstechnieken te ontwikkelen, kennisontwikkeling tussen de partners en andere relevante actoren tot stand te brengen en te communiceren met een breder publiek (burgers, tuincentra, belangenorganisaties etc). Dit is met name van belang omdat de introductie van exoten in het milieu vaak gebeurt door onwetendheid.

In het project willen de partners effectievere bestrijdingstechnieken ontwikkelen voor vier casussoorten: de grote waternavel, de stierkikker, de Amerikaanse vogelkers en zomerganzen. Na de testfase zal opschaling plaatsvinden.

  • Projectleider: Vlaamse Overheid, departement LNE
  • Projectpartners: Agentschap voor Natuur en Bos, Provincie Noord-Brabant, VMM-water, Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek, RATO vzw, Team Invasieve Exoten, Plantenziektekundige dienst, Plant Research International, Provincie Antwerpen, Provincie Oost-Vlaanderen, RAVON, Waterschap Aa en Maas, Waterschap Brabantse delta, Waterschap De Dommel, Provinciale Hogeschool Limburg, Regionaal Landschap Meetjesland vzw, PROCLAM vzw, ZLTO, Faunabeheer Eenheid Zeeland, Natuurwerk vzw, IGO Leuven, Staatsbosbeheer en Het Zeeuws Landschap            
  • Totaalbudget: 3.115.644,63 euro, met een Interreg-bijdrage van 1.331.360,00 euro
  • Looptijd: Van 1 oktober 2009 t/m 30 september 2012  

 

3. Project Structuurversterking Stationsomgevingen Vlaanderen-Nederland

Het project Stationsomgevingen is ontstaan vanwege de behoefte meer inzicht te krijgen in de wijze waarop en de omstandigheden waaronder de omgeving van het station het meest effectief kan worden aangepakt. De partners willen door kennisuitwisseling en een aantal fysieke ingrepen de herontwikkeling van hun stationsomgeving in een stroomversnelling brengen. De opgedane ervaring zal breed verspreid worden. Het project is daarom van groot belang omdat meer gemeenten met deze problematiek te maken hebben. De opgedane ervaringen zullen daarom breed uitgewisseld worden, waardoor daarvan op brede schaal gebruik kan worden gemaakt.

  • Projectleider: Stad Turnhout
  • Projectpartners: Gemeenten Bergen op Zoom, Diest, Hasselt, Heerlen, Roosendaal, Sint-Truiden en Tongeren         
  • Totaalbudget: 9.326.769,00 euro met een Interreg-bijdrage van 2.837.710,00 euro
  • Looptijd: Van 1 oktober 2009 tot en met 30 september 2012    

 

4. Project NATUURlijk Water

In dit project gaan natuur en water hand in hand. Drie thema’s staan hierbij centraal:

-         kreekherstel,

-         herstel ecologisch beheer van bloemrijke dijken en

-         het optimaliseren van de landelijke waterkwaliteit.

Partners uit het Vlaams-Zeeuwse grondgebied engageren zich om ruimte voor water te creëren. Op die manier draagt het project bij aan het realiseren van doelstellingen van de Europese Kaderrichtlijn Water. Het bereidt ook het grensgebied voor op de gevolgen van de klimaatwijziging. 

Om optimale resultaten te behalen in het grensgebied is het noodzakelijk om grensoverschrijdend samen te werken en kennis in het grensgebied uit te wisselen. Water stopt immers niet aan de grenzen.

In het verleden werden al grensoverschrijdende visies uitgewerkt, onder meer in het Krekenbeleidsplan. Dit project geeft verder invulling aan dat plan.

  • Projectleider: Projectleider: Waterschap Zeeuws-Vlaanderen
  • Projectpartners: Provinciebestuur Oost-Vlaanderen, Gemeente Maldegem, Generale Vrije Polder, Provinciebestuur West-Vlaanderen, Gemeente Beernem, TMVW, Gemeente Hulst, Gemeente Terneuzen      
  • Totaalbudget: .898 705,00 euro met een Interreg-bijdrage van 1.503 375,00 euro
  • Looptijd: 1 februari 2010 tot en met 31 januari 2013

                       

5. Project Groeikans

De stuurgroep besloot al in eerder stadium onder een aantal voorwaarden goedkeuring te verlenen aan het project Groeikans. Aan een aantal van die voorwaarden kon niet worden voldaan, waardoor de projectopzet op onderdelen diende te worden aangepast. Dat aangepast voorstel is in deze vergadering door de stuurgroep akkoord bevonden. Het project betreft:

Het belevingsgericht medegebruik van het platteland door de hele samenleving wordt groter (authentieke voedingsproducten, genieten van natuur, ruimte, stilte, enz.). De lokale economie op het platteland past zich in deze dynamiek in. Zowel de landbouwsector als de niet-agrarische ondernemers zijn in Vlaanderen en in Nederland volop bezig met diversificatie in deze richting en evolueren naar Multifunctioneel Ruraal Ondernemerschap (MURO). Zij differentiëren en/of versterken hun professionele activiteiten in functie van de groeiende marktvraag naar belevingsproducten van het platteland en het buitengebied in hun regio. Het gaat om streekauthentieke voedingsproducten zoals hoeve- en streekproducten, belevingsvolle recreatie en toerisme, rijke leeromgevingen en innovatieve combinaties hiervan.

Het project Groeikans! beoogt het meetbaar versterken van de plattelandseconomie door de professionalisering van het multifunctioneel ondernemerschap (MURO) in een multifunctioneel platteland. De multifunctionele rurale ondernemers worden gestimuleerd tot professionalisering en innovatie in hun ondernemerschap en in de vermarkting van hun producten. De innovatie die daarvoor aangewend wordt, noemen we systeeminnovatie waarbij er simultaan wordt ingegrepen op de hardware (nieuwe ICT-systemen), de orgware (nieuwe organisatie van mensen en middelen) en de software (nieuwe ondernemerscultuur).

De operationele doelstellingen hierbij zijn: stimuleren en versterken van het ondernemerschap, stimuleren tot grensoverschrijdende samenwerking tussen ondernemers, stimuleren van de marktvraag en versterken van de marktpenetratie en stimuleren van grensoverschrijdende mobiliteit van de consumenten van rurale belevingsproducten.

  • Projectleider: Centrale Landelijke Gilden vzw   
  • Projectpartners: 24 partners, zijnde instanties die zich inlaten met het ondersteunen en/of begeleiden van rurale ondernemers
  • Totaalbudget:  7.148.095,13 euro, met een Interreg-bijdrage van 3.430.558,45 euro   
  • Looptijd:  april 2009 – 31 maart 2012

6. Project OPTIGLAS

De glastuinbouw in Vlaanderen en Nederland is een belangrijke economische drager voor de betrokken regio’s in beide landen. De ontwikkeling van de glastuinbouw in Vlaanderen en Nederland heeft de jongste jaren een sterke evolutie doorgemaakt.

Goed uitgebouwde onderzoeks- en voorlichtingscentra zijn een noodzaak in de verdere uitbouw en ontwikkeling van de glastuinbouw in de betrokken regio’s. Ze zijn het eerste aanspreekpunt voor problemen die zich stellen in de praktijk en daarmee de eerste stap naar de oplossingen waar tuinbouwbedrijven naar zoeken.

Het project OPTIGLAS is gericht op een brede samenwerking tussen deze proefcentra rond (glas)tuinbouw in de Grensregio Vlaanderen-Nederland. Er zal worden samengewerkt rond thema’s als energiebesparing, duurzame technologieën als gesloten kassystemen, LED-belichting en de implementatie van intelligente folies, de reductie van gewasbeschermingsmiddelen, voorlichting van tuinders en de ruimtelijke ordening van glastuinbouwzones.

Voorts zal ook geïnvesteerd worden in de uitbouw van de proef- en voorlichtingscentra die bij dit project betrokken zijn, om er voor te zorgen dat zij alle kansen voor een succesrijke glastuinbouwsector in de Grensregio Vlaanderen-Nederland kunnen blijven borgen.

  • Projectleider: Proefcentrum Hoogstraten
  • Projectpartners: Arbeidsintegratiebedrijf Dethon, Provinciaal Onderzoeks- en Voorlichtingscentrum voor Land- en Tuinbouw (POVLT)
  • Totaalbudget:  1.850.000,00 euro met een Interreg-bijdrage van 900.000,00 euro
  • Looptijd: 1 mei 2008 – 30 april 2011